3. Vuile pot

“Hé Lis, is dat niet ongeveer jouw type?” Hoewel ze met haar ogen rolde, wist een lichtelijk geamuseerd grijns zich om haar lippen te vormen. Twee jaar single, volgens Lisa’s collega’s en vrienden was dat al veel te lang. Ze moest tegen nu toch wel wanhopig op zoek zijn. Het was immers niet te verklaren dat een vrouw kon genieten van het vrijgezelle leven. Een succesvolle carrière en een rijk persoonlijk leven waren niet compleet als je geen partner aan je arm had om het te delen.
Er was een tijd geweest waarin Lisa ontploft zou zijn als iemand dit in haar gezicht tegen haar zou zeggen, nu was zij degene die het zou zeggen. Op een toon die spottend was, die aantoonde dat ze de gedachtegang lachwekkend vond. Het paste volgens haar in hetzelfde straatje als de Bechdel test, als hopeloos verouderd en lachwekkend maar helaas nog zeer vaak toegepast. En dus had Lisa voor zichzelf besloten het weg te lachen en zich te focussen op het goede: op haar carriere die in sneltreinvaart vooruit schoot. Er werd zelfs geopperd dat ze mogelijk hoofdredacteur zou kunnen worden, als Arthur richting een burn-out bleef denderen. Ze werd om de week gemaild door headhunters die haar namens verschillende soorten media contacteerden, in de hoop haar te strikken voor een nieuw contract. Een beetje vermaak kon echter nooit kwaad, om haar collega Marjolein te vermaken maar ook om zelf een beetje plezier te beleven in het leven. Rustig draaide Lisa zich om, zoekend naar de vrouw die de adjunct-chef aan had gewezen. Het was een jong ding, Lisa schatte haar een paar jaar jonger dan zijzelf, iets dat werd benadrukt door de kleine gestalte en fijne bouw. Maar ze was zeker aantrekkelijk, met die flinke bos koperkleurige manen.
“Ze is leuk,” mijmerde de redacteur. “Beetje jammer dat ze hier met een man is.” Een beer van een vent die moeilijk te missen was. Hij leek wel aan de vrouw vastgeplakt te zitten.
Nu was het Marjolein die met haar ogen rolde. “Ze is geïnteresseerder in haar drankje dan in hem. En ik dacht dat jij elke vrouw kon verleiden?”
Stiekem ben je nog steeds beledigd dat ik jou nooit heb versierd, dacht Lisa in stilte. Ze kon echter niet ontkennen dat haar collega een punt had: het jonge ding was leuk en Lisa was nog nooit een uitdaging uit de weg gegaan. Er waren zoveel vrouwen die niet wisten dat ze best konden vallen op hun eigen geslacht, en Lisa kon er best plezier aan hebben om die interesse te prikkelen. Maar niet vanavond, zo besloot ze terwijl ze zich weer omdraaide en een slok nam. Ze glimlachte naar Marjolein.
“Vertel me liever eens over die date die jij laatst had.”

“Twee bier, een rosé en een gin-tonic.” Ze moest half over de bar hangen en in het oor van de bartender schreeuwen om zich verstaanbaar te maken. Ze was niet zo klein, maar het was een universele regel dat alle togen in de wereld te hoog gebouwd waren. Alsof de oorspronkelijke ontwerper 3 meter lang was. Dylan’s hoofd deinde mee met de toonhoogtes van de stem naast zich. Ze registreerde zachte tonen, een rustige stem, duidelijk heel anders dan die van de vreemde man. Hij had waarschijnlijk zijn naam al wel verteld, zij was simpelweg niet geïnteresseerd in het leren ervan. Dat hij niet meer naast haar stond was ook niet iets dat ze had opgemerkt hoewel ze er wel over opgelucht was. Ze wist maar al te goed waarom ze met hem mee was gegaan maar terwijl de avond vorderde werd het steeds moeizamer om een smoes te bedenken waardoor ze weg zou kunnen glippen. Meegaan met een wildvreemde vent die haar moeiteloos aan zou kunnen, het was bekend dat als je dronken bent je vaker domme dingen doet en Dylan was al helemaal geen vreemde van dat fenomeen, maar dit was toch wel iets gevaarlijker dan normaal aan het worden.
“Hé meid, gaat het wel?” Zacht legde Lisa haar hand op de schouder van Dylan. Vreemde of niet, soms moest je iemand een helpende hand toereiken. Zeker als iemand eruit zag alsof ze binnen korte tijd van haar stoel af zou vallen. Dylan hing met een mouw in een plas wijn, haar hoofd maar een paar centimeter boven het hout van de toog alsof ze het nauwelijks meer omhoog kon houden. “Wil je misschien wat water?”
Een zacht gekreun klonk, een schokkende hoofdbeweging volgde. Dylan’s hoofd voelde alsof het gevuld was met bakstenen die op pijnlijke wijze heen en weer rolden als ze zich bewoog. Ze wilde knikken, maar het enige dat ze nog leek te kunnen doen was haar hoofd een centimer omhoog krijgen om het dan weer naar voren te laten vallen waar het gewoon maar bleef hangen. Het was een gewaarwording waar ze misselijk van werd, angstig, alsof ze de controle over haar lichaam aan het verliezen was.
“Kom op mop, we gaan naar huis.” Daar was de zware stem weer, de stevige hand om haar arm. Met moeite bracht Dylan haar hoofd weer omhoog. Nee, ze wilde helemaal niet met hem mee. Ze wilde naar bed. Haar eigen bed. Maar het geluid dat uit haar mond kwam leek in niets op de woorden die ze dacht, het leek helemaal nergens op.
“Ik zal een taxi voor haar bellen, en drink dit.” Daar was die zachte stem weer. Die was warm, zorgzaam, lief. Bibberend van de inspanning nam Dylan het glas water aan. Ze had zo’n dorst, alsof ze al maanden niet gedronken had. Waar ze eerder het water in de kroeg had afgeslagen nam ze dit glas gretig aan. Nog één drankje, zelfs water was prima.
“Ze heeft geen taxi nodig, ik woon hier om de hoek.”
Het hele gesprek ging grotendeels langs haar heen. Vaag besefte Dylan dat ze het over haar hadden, maar het kon haar nauwelijks schelen.
“Waarom ga jij dan niet lekker lopen, dan zorg ik dat zij ook veilig thuiskomt.”
“En waarom bemoei jij je niet even lekker met je eigen zaken, vuile pot?”

Dylan kreeg niet mee hoe de man de gin-tonic in zijn gezicht kreeg. Ze wist wel dat ze meegesleept werd naar buiten. Lopen kon ze nauwelijks meer.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

error: Content is protected!!