Tag: geneeskunde

Eerste bloedtransfusie – Vandaag in

Wikipedia: Würfel

Wikipedia: Würfel

Vandaag in 1666 vindt de eerste bekende bloedtransfusie plaats. Wat nu heel normaal is, werd toen getest op twee levende honden.

Zakenman Samuel Pepys, die beroemd werd om zijn zeer gedetailleerde en zeer goed bewaarde dagboeken waarin hij onder andere schreef over de Grote Brand van Londen en de pestplaag die Engeland teisterde, is degene die ervoor zorgt dat we zo exact weten wanneer ‘s werelds eerste bloedtransfusie plaatsvond. Zoals elke dag schreef Pepys ook op 14 november 1666 een stukje in zijn dagboeken, en dit keer legde hij in detail vast hoe een bloedtransfusie werd uitgevoerd op twee levende honden.

Bloed
In 1666 waren bloedtransfusies nog een zeer onbekende wetenschap. Aderlatingen waren wel normaal bij zieken, maar grootschalig bloedverlies was in die tijd niet te verhelpen en dus meestal dodelijk. Toen de eerste bloedtransfusie werd uitgevoerd was het pas 4 jaar bekend dat bloed circuleert en dat het hart dient als de pomp voor het hele lichaam, hoewel Arabische artsen dat vermoedden al in de 13de eeuw hadden. Bloed rondpompen en bloed overbrengen van één lichaam naar een ander zijn echter wel hele verschillende dingen. Sterker nog, toen in 1492 paus Innocentius VIII stervende was werd een bloedtransfusie voorgesteld, maar de paus werd toen gezegd het bloed te drinken omdat men dacht dat het dan wel opgenomen zou worden door het lichaam. Het hielp niet en de paus stierf alsnog.

Dodelijk
1666 was misschien het jaar dat we voor het eerst over een bloedtransfusie horen, het was echter geen succesvolle. Één van de twee honden die werden gebruikt voor de proef stierf, zo blijkt uit de dagboeken van Pepys. Hetzelfde was al eens gebeurd in proeven die ergens in 1665 waren uitgevoerd. In 1667 werd de eerste test op mensen uitgevoerd, waarbij opnieuw doden vielen en bovendien werd aangetoond dat mensen eigenlijk geen dierlijk bloed kunnen ontvangen. De eerste succesvolle bloedtransfusie tussen twee mensen vond pas plaats in 1818, met mogelijk meer geluk dan wijsheid want de kennis over bloedgroepen en de dodelijke afloop van het mengen van de verkeerde groepen werd pas in de 20ste eeuw ontdekt, grotendeels tijdens de Eerste Wereldoorlog toen het opslaan van bloed en bloedtransfusies aan het front ervoor zorgden dat vele gewonde soldaten bleven leven.

Iedereen gaat wel eens Onder het mes

Chirurgie, in welke vorm dan ook, is ongeveer zo oud als de mensheid zelf. Of in ieder geval zo oud als de eerste samenlevingen. Onder het mes neemt je mee door de ontwikkelingen van de chirurgie, hoewel het wel een trage wandeling is.

9200000030638652[1]De chirurgie van vandaag is natuurlijk niet te vergelijken met wat de Grieken of Egyptenaren deden, maar toch ligt veel van de grondslag van de moderne geneeskunde daar. En ook de tactieken uitgevoerd in de Middeleeuwen zullen nu niet als erg nuttig, ethisch verantwoord, of zelfs maar als enigszins verstandig worden gezien. Toch hebben we daar ook iets van geleerd. De medische wetenschap heeft vele stappen gekend, allemaal van belang voor het heden en de toekomst.

Diagonaal
Hoewel we eeuwenoude behandelingen meestal naast ons neerleggen als ‘achterhaald’, is het af en toe mogelijk om een link te leggen tussen die oude behandelingen en het heden. Een goede, of een slechte connectie. Waar het vroeger een prestatie was om als chirurg een zo vies mogelijke outfit te hebben, lopen chirurgen nu in blinkend schone jassen. Hoe kan iets zo veranderd zijn in de loop der jaren? Onder het mes probeert daar wat licht en helderheid op te werpen, maar je raakt makkelijk verdwaald in de warboel die de medische wereld en de medische ontwikkeling is. Terminologie en beschrijvingen zijn het belangrijkste uit het boek, maar het meest interessante zijn de persoonlijkere verhalen. Hoe werd de Franse Zonnekoning behandeld? Waaraan overleed Lenin? Werd Houdini geveld door één van zijn eigen trucs?  Al deze verhalen vormen een interessante maar trage wandeling door de verloop van de geneeskunde, waarbij je snel geneigd bent om stukken diagonaal te lezen.

Chronologie?
Een van de nadelen aan het boek, is het gebrek aan chronologie. Zo schiet je van behandelingen die zijn uitgevoerd in de tijd van Kennedy, terug naar de Perzische koning Darius, om daarna weer door te schieten naar de tijd van Marlene Dietrich. Het is soms een beetje verwarrend, zeker als je probeert te bedenken in welke tijd je je bevindt. En daardoor is het lastig om te achterhalen welke behandelingen eerder zijn ontwikkeld dan anderen. Je gaat je dus al snel focussen op de hoofdstukken als losstaande dingen. Ook een ding: had er naast de medische term van een behandeling (waarnaar de hoofdstukken vernoemd zijn) niet even de ‘normale bewoording’ gezet kunnen worden? Nu moet je immers maar raden dat een ‘longcarcinoom’ hetzelfde is als ‘longkanker’.

Maar wie wil lezen over ‘s werelds eerste anesthesie, over de risico’s van blaasstenen of over het zetten van breuken in andere tijden, moet dit boek zeker in de boekenkast hebben. Het is ook een ideaal cadeautje voor geneeskundestudenten.

Onder het mes
`Chirurg betekent letterlijk `handenman , al sinds mensenheugenis heeft de chirurg de taak om mensen op te lappen in tijden van nood. Van de donkere eeuwen van aderlatingen en onverdoofde beenamputaties tot de huidige steriele, hightech operatiekamers; in dit boek neemt chirurg Arnold van de Laar je mee op een reis door de weerbarstige geschiedenis van de heelkunde. De patiënten die in zijn verhaal figureren zijn niet de minsten: keizerin Sissi (neergestoken), Lodewijk XIV (fistel aan zijn anus), paus Johannes Paulus II (stoma), J.F. Kennedy en Lee Harvey Oswald (schotwond), Lenin (herseninfarct), Houdini (blindedarmontsteking), Albert Einstein (aneurysma), Bob Marley (melanoom onder zijn teennagel). Aan de hand van de meest tot de verbeelding sprekende medische geschiedenissen laat Van de Laar kwesties uit verleden, heden en toekomst de revue passeren. Zijn toon is helder, vakkundig en vol relativerende humor. Onder het mes is daarmee een rijke medische en culturele geschiedenis, en een moderne anatomische les voor iedereen.

Arnold van de Laar. Onder het mes / Thomas Rap / 9789400402294

Eerste operatie met verdoving – Vandaag in

Wikipedia: ISAF Headquarters Public Affairs Office

Wikipedia: ISAF Headquarters Public Affairs Office

Vandaag in 1842 wordt er voor het eerst verdoving gebruikt tijdens een operatie. De arts Crawford Long is niet de eerste dokter die een narcotisch middel gebruikt, maar wel de eerste die dat doet om een operatie pijnloos uit te voeren.

Ether werd al enige tijd door artsen onderzocht omdat het in staat was pijn te onderdrukken. Het werd zelfs gebruikt op zogenaamde ‘ether-feestjes‘ om te inhaleren. Ether is namelijk een zeer effectief lachgas en hoewel het wel onderzocht werd door artsen, werd het voornamelijk gebruikt voor feestjes om de gasten te vermaken. Na zijn studie medicijnen, ging ook Long naar deze feestjes toe. Maar terwijl hij zich slap lachte met zijn vrienden, begon hij de mogelijkheden te onderzoeken om iemand pijnloos te opereren door de patiënten van tevoren ether te laten inademen.

Verdoving
De patiënt was James Venable, zelf een hoogstaand lid van de gemeenschap en bekende van de ether-feestjes. Doordat Venable bekend was met de werking van de verdovende drug, wilde hij wel meedoen met Long’s experiment. Venable had een cyste in de nek, het verwijderen ervan zou ontzettend pijnlijk zijn geweest als Venable bij volledig bewustzijn was geweest. Daarom liet Long hem ether inademen en toen Venable niet meer reageerde op de prik van een naald, begon hij te snijden.
Venable was niet bewusteloos door de verdoving, zoals bij huidige verdovingen het geval is, maar hij voelde in het hele lichaam geen pijn meer. De operatie was dan ook een succes.

Bevalling
Crawford Long publiceerde in verhouding pas laat over zijn geslaagde operatie, in december 1849. Hij vermoedde namelijk dat iemand anders dezelfde behandeling al eerder dan hij had uitgevoerd en gaf diegene de kans de eer op te strijken. Toen die persoon echter uitbleef, schreef hij er zelf over. Long gebruikte ether de rest van zijn loopbaan. Hij stierf aan een hartaanval in 1878, vlak nadat hij een vrouw ether had gegeven om een pijnloze bevalling te hebben.

Florence Nightingale vertrekt naar de Krim – Vandaag in

NaamloosVandaag in 1854 vertrok zuster Florence Nightingale naar het front tijdens de Krimoorlog. Het was vanaf hier dat de Engelse wereldberoemd werd voor haar inzet voor gewonde soldaten en zieken.

Florence Nightingale werd geboren in 1810 en groeide op in een rijk Brits gezin. Ze was bekend met de hogere kringen van Engeland, en kreeg dan ook op jonge leeftijd een huwelijksaanzoek dat ze negen jaar onbeantwoord liet. Toen ze in 1849 definitief de huwelijkskandidaat in kwestie afwees, vertelde ze haar ouders dat ze graag iets nuttigs wilde doen. Ze wilden graag zuster worden, wat haar ouders niet toestonden. Pas in 1849 vond Nightingale, tijdens een vakantie, een dokter die haar toestond een maand lang in Instituut Kaiserwerth praktijkervaring op te doen. Het was Fanny, Florence Nightingale’s moeder, die als eerste toestond dat haar dochter terug ging. Ze drukte Florence echter wel op het hart er niemand iets over te vertellen.

Hygiëne
In 1850 kreeg Nightingale eindelijk de kans om praktijkkennis op te doen, toen ze ging werken als zuster in een ziekenhuis in Middlesex. In die tijd heerste er een cholera-plaag in Engeland en Nightingale zag hoe de ziekte om zich heen greep vanwege de slechte omstandigheden in het ziekenhuis. Hier begon ze met haar missie om hygiëne in ziekenhuizen en hospitalen te verbeteren. En dit was pas het begin van haar werk…

In 1853 begon de strijd tussen Engeland en Rusland, de Krimoorlog. Vanwege de erbarmelijke toestanden in de veldhospitalen moesten er zusters naar het front. Op 21 oktober 1854 stapten Florence Nightingale, op verzoek van de Minister van Oorlog Sidney Herbert, en 38 andere vrijwilligers op de boot naar de Krim. Constantinopel was hun bestemming. Daar begon Nightingale haar werk dat haar later wereldberoemd zou maken.

Lady with the Lamp
De omstandigheden in de Krim waren verschrikkelijk. Het ziekenhuis stond bovenop een oude beerput, waardoor het water en het ziekenhuis zelf besmet waren met bacteriën. Patiënten lagen in hun eigen viezigheid gezien ze al dagen niet gewassen waren. Ongedierte en ratten liepen over en rond de bedden. Zeep, verband, dekens, zelfs water was op rantsoen. Je had als soldaat meer kans te sterven aan cholera of tyfus in het ziekenhuis, dan door een kogel op het slagveld! En dan vind je ziekenhuizen en dokters in het heden al vervelend…

Daarom had Herbert Nightingale om hulp gevraagd. De zuster bleek zeer doorzettend te zijn als het ging om het verbeteren van de toestand van haar patiënten. Bij aankomst beval ze de minst zieke soldaten te helpen bij het schrobben van het ziekenhuis, vloer tot plafond zou glimmen! Er kwam een keuken, een reguliere wasdienst en zelfs een schooltje. Zo konden de soldaten de beste zorg krijgen, en hoefden ze zich niet te vervelen.
Zelf spendeerde Nightingale elke minuut die ze wakker was aan het verplegen van de soldaten. ‘s Nachts deed ze dit met een lamp in haar hand, om iets te zien in de donkere gangen. Zo kreeg ze van de soldaten de liefhebbende bijnaam ‘Lady with the Lamp’. Ze wist de sterfgevallen met 66% te verminderen. Terwijl ze werkte noteerde ze haar bevindingen die ze terug in Engeland zou publiceren en die de gezondheidszorg voor altijd zou veranderen. Zelf had ze minder geluk dan vele van haar patiënten. Ze raakte besmet met ‘Krimkoorts’, een ongeneeslijke ziekte destijds. Op haar 38ste was ze zo ziek dat ze het bed nauwelijks meer uit kon komen hoewel ze vanuit daar alsnog ziekenhuizen, zusters en zelfs ministeries advies gaf op het gebied van ziekenzorg. Ze stierf uiteindelijk in 1910, op negentigjarige leeftijd. Haar werk is nog altijd van groot belang in de moderne ziekenzorg.

Ziekenhuizen
Waar het nu vaak verstandiger is om naar het ziekenhuis te gaan als je ziek bent, was dat in de negentiende eeuw wel anders. De meeste mensen kregen verzorging thuis als ze ziek of gewond waren. Het ziekenhuis was een plek waar je alleen terecht kwam als je familie geen geld voor verzorging bezat, je moederziel alleen op de wereld was of als je een besmettelijke ziekte onder de leden had. Ziekenzalen waren meestal donker en somber, met kleine ramen en een open haard om de boel warm en verlicht te houden. Omdat de ruimtes klein waren om verwarmd te kunnen worden, stonden bedden tegen elkaar aan gepropt. Matrassen en dekens werden zelden verschoond of gewassen. Vanwege deze omstandigheden waren er zelden vrouwen uit hogere kringen, die als zuster gingen werken. Nightingale’s ouders waren tegen haar beroepskeuze vanwege het feit dat zusters kookten, werkten en zelfs sliepen in de ziekenzalen. Vaak deelden ze een bed met een mannelijke patiënt en velen waren verslaafd aan alcohol.

Boeken, studies en ouders

old-books-photography-2399781[1]Werken in een boekwinkel is zo verkeerd nog niet. Zou je denken. De hele dag worden de meest vreemde situaties naar je hoofd gegooid.

“Ja, mijn zoon begint nu met zijn tweede jaar geneeskunde. Dat is erg zwaar, ze stellen hele hoge eisen. Zo moet hij elke week wel essays schrijven, en om binnen te komen moest hij gemiddeld een acht hebben.” De man kijkt er tevreden bij. Kennelijk heeft hij hoge eisen voor zijn zoon, de toekomstig dokter. De andere heer kijkt ernstig. “Ja, mijn dochter studeert geschiedenis. Dat is ook al zo zwaar.”

Ik frons verbaasd mijn wenkbrauwen. Hoe zijn geschiedenis, en geneeskunde in enig opzicht met elkaar te vergelijken? Maar de heren zijn nog niet klaar. “Ja, mijn jongste dochter gaat naar Brighton. We verwachten niets anders van haar, ze haalt zulke hoge cijfers. En Brighton opent vele deuren voor haar.” Ik doe ondertussen alsof ik niets hoor, dat maakt mijn leven een stuk makkelijker. Voor mijn neus worden een Le Monde en een Financial Times op de toonbank gelegd. De man wiens dochter het ‘zeer zware geschiedenis’ studeert grijnst naar zijn vriend. “Tja, je kunt wel zien dat we verschillende smaken hebben, hè?” Met een vriendelijke uitstraling rond hen beiden verlaten ze de winkel binnen. “Brighton dus? Leuk! Mijn oudste zoon heeft net toelating gedaan voor een master aan Harvard.” Ik weet niet met welk van hun kinderen ik het meeste medelijden heb…

© 2017 Leest&Maakt 't

Theme by Anders NorenUp ↑

error: Content is protected!!