Share this

De zon staat brandend aan de hemel, er is geen zuchtje wind, het enige wat ik ruik is de geur van natte aarde. Mijn kleine kruidentuin staat in volle bloei en het is tijd voor verpotten.

Wanneer het snikheet is, en je hebt weinig te doen, ga je zelf op zoek naar nieuwe projecten. Naar nieuwe dingen om te leren. Ik ben nooit echt goed geweest met planten, behalve in het om zeep helpen ervan, maar daar wil ik verandering in brengen. Dus heb ik de laatste maanden niet alleen besteed aan het leren van Frans, maar ook om te leren hoe je een kruidentuin in leven houdt.

Geduld
Ik heb weinig geduld, zeker als ik ergens enthousiast over ben. De kruiden die ik heb gekocht staan echter de hele dag heel relaxt van het zonnetje te genieten. Ze laten zich niet haasten, opjagen, of zelfs maar tot de minste groei aanzetten door een strenge blik. Met een zucht kijk ik naar ze, tevreden in hun nieuwe potjes. Verderop staan een paar plantjes die net met hun blaadjes boven de donkere aarde komen. Twee dagen geleden was er nog niets te zien en nu, één flinke regenbui verder, steken er ineens zes kleine plantjes de kop. Vlinders vliegen over ze heen, een bij komt even kijken, maar is toch meer geïnteresseerd in de planten met bloemen vol nectar. Het kan mijn plantjes allemaal geen donder schelen, zo lijkt het. Met mijn ongeduld steken ze de draak, hoeveel tijd ik er ook aan besteed op een dag, ze gaan echt niet harder groeien voor me. Dus het enige wat ik kan doen is weer een beetje water geven, een paar dode stukjes wegknippen en ze verder met rust laten. Ondertussen kan ik zo nu en dan een beetje rozemarijn, munt, of salie plukken en toevoegen aan gerechten die er ten eerste lekkerder door ruiken en ten tweede een stuk meer smaak krijgen op deze manier dan van kruiden uit een potje.

Mijn geduld op de proef stellen is soms lastig, wat niet alleen blijkt in het proces van het groeien van mijn plantjes, maar ook in het gevecht met de mieren. Onlangs heb ik de muizen weer uit mijn huis kunnen verdrijven, maar de mieren zijn een stuk hardnekkiger. Dat ze in onze tuin zitten, en waarschijnlijk in elke tuin in de buurt, is geen nieuws, maar ik had gehoopt dat ze zo aardig zouden zijn om uit mijn kruiden te blijven. Het tegendeel is echter bewezen toen ik ze ging verzetten en de zespotige beestjes al snel over mijn handen krioelden. Ze bijten niet, technisch gezien doen ze niemand kwaad, maar tegelijk wil ik de optie van het binnenzetten van mijn planten in de winter. En ik heb geen zin in mieren in mijn huis. Weer ene punt van geduld dus, een punt dat zich hopelijk uit in het bestrijden van deze wezens zonder ze echt veel kwaad te doen (of mijn planten te vermoorden, zoals vorige keer per ongeluk gebeurde…). Mocht iemand nog tips hebben, dan sta ik open voor suggesties, al was het maar omdat mijn nieuwe geduld me dwingt om de planten niet chagrijnig weg te gooien. Mijn geduld moet zich ook bewijzen in het opnieuw tot leven wekken van mijn salie, die om onverklaarbare reden het loodje gelegd lijkt te hebben…

Share this