Category: Op de filmset (page 1 of 3)

Camera, geluid… Wrap!

Camera, geluid en… nog veel meer!

“Oké guys. It’s a wrap!” Door de porto klinkt het blikkerig, maar de betekenis van dat woord zindert meteen over de set. ‘Hoe laat wrappen we?’, It’s a wrap, ‘we zijn gewrapt’, wrap-party, wrap, wrap, wrap.

“Wat is de wrap-hap?” Nou, wraps. Als je het zo vaak hoort en schrijft, is het een belachelijk woord maar met de betekenis ervan mag niet gesold worden op een filmset. Het betekent het einde van de dag, het moment dat je een biertje mag openen (drank op de set is niet toegestaan tijdens het werk), dat je je nog even vol mag proppen met een snack en dat je dan eindelijk naar huis mag.

Een wrap doet na een lange dag dus denken aan meerdere dingen. Ten eerste is er de wrap als in het hapje, een heerlijke snelle snack die je genoeg vult maar niet zo slaperig maakt dat je achter het stuur in slaap valt (geen onnodige luxe als je nog een uur moet rijden na ruim 10 uur op je benen staan). Als tweede is er het einde van de dag: “It’s a wrap!”. Maar voor mij is er nog een derde associatie. Dat komt omdat ik af en toe nog oppas, en mijn vaste oppas-kindje het ontzettend leuk vind als ik haar als een burrito in pak. Of ook wel als een wrap. Heerlijk warm ingepakt in de dekens, kussen onder je hoofd, lichten uit, en knock-out. Dat warme, omhelsde gevoel is precies wat ik kan gebruiken na een lange dag, en al helemaal na een lange klus. Dus is het tijd om knock-out te gaan. Dank u wel voor het lezen van onze avonturen op de set!

Camera, geluid… Steigers!

Camera, geluid, en… nog veel meer!

“We hebben productiehandjes nodig beneden!” De blaffende toon over de porto zorgt dat ik even mijn wenkbrauwen frons. Wat is er toch mis met het gewoon even aardig vragen? Ik pak de porto. “Waarvoor als ik vragen mag?” Ik wil weten waar ik productieassistenten heen stuur voor ze op pad gaan, anders ben ik straks iedereen kwijt zonder te weten wat er eigenlijk gebeurd. “Het is gewoon nodig.” Nou… lekker duidelijk weer. Met een zucht stuur ik iemand naar beneden en wend mezelf weer tot de planning die ik maar niet rond lijk te krijgen. Lege vakken grijnzen me duivels toe in mijn Excel-bestand.

Als ik weer op de klok kijk zie ik dat we twee uur verder zijn, van de PA is geen enkel spoor terwijl ik ook nog zat dingen te doen heb voor hem. Nu toch wel verbaasd, en met een enorme behoefte aan koffie, ga ik zelf naar beneden. Wat is daar in vredesnaam aan de hand?
Wat ik aantref maakt me ronduit kwaad. De PA staat in zijn eentje een steiger te ontmantelen, iets waarvoor hij geen enkele training heeft gehad en dat je sowieso nooit alleen moet doen. “Waar is het lichtteam?” vraag ik geïrriteerd, hij haalt zijn schouders op.

Het is niet de eerste keer dat ons dit overkomt. Steigers zijn vervelend, groot, staan vaak in de weg maar ze zijn ook onmisbaar op een filmset voor licht en ook vaak voor camera. Soms krijg ik op een dag wel vijf keer het verzoek om productieassistenten te laten helpen met het op en af bouwen van de steigers. Maar de PA’s hebben hier meestal geen enkele training in en steigers zijn ingewikkeld en kunnen snel beschadigd raken. Als ik aan het einde van de dag ook nog een woedende snauw krijg omdat ik één keer heb geweigerd PA’s te sturen (ze hadden echt andere dingen te doen) ben ik het zat. Ik stap op de ploeg belichters af.
“Jongens, waarom krijg ik al de hele dag gezeik over die steigers te horen?” Schaapachtig grijnzen ze naar me.
“Nou ja, het is ons een beetje onduidelijk wat jullie precies doen op kantoor dus we dachten dat jullie jezelf wel even nuttig konden maken.” Ik ontplof nog net niet bij dit ongelofelijk stomme antwoord. “Weet je joh, kom jij eens een dag al mijn werk op kantoor doen, dan weet je precies waarom ik echt wel wat beters te doen heb!” snauw ik nog, waarna ik woest naar mijn auto stamp. Steigers en ik zijn al geen vriendjes, maar dit is echt de druppel.

Camera, geluid… Feestje!

Camera, geluid, en… nog veel meer!

“Dus wanneer is de volgende?” De pijnlijke gezichten worden nog getrokken als een crewgenoot overenthousiast binnen komt stampen. De katers zijn enorm, het kantoor ijzig stil, en het gemaal van het koffiezetapparaat is een marteling en tegelijk een verademing.

Film is hard werken, lange dagen, veel problemen oplossen. Maar tussendoor zijn er de feestjes. De kick off, de over de hill, de wrap, en tussendoor gewoon omdat het kan. Zeker als een crew in het buitenland zit, met familie ver weg, en ze dus op elkaar zijn aangewezen. Mojito’s, gin&tonics, bier, wijn, het gaat er allemaal doorheen. En ‘s avonds een vent, ‘s ochtends een vent is het dan. Maar ooh, wat heeft je hoofd soms spijt van dat laatste glas de volgende dag.

De blikken die de overenthousiaste collega toegeworpen krijgt, zijn dan ook alles behalve vriendelijk. De enige keuze die je op dit moment nog hebt op kantoor, zijn zwijgen of opdonderen. Wat het waard was de vorige dag, is nu een bron van spijt en lijden. Alsof we allemaal even hebben willen bewijzen dat we echt nog wel gezellig kunnen zijn, naast de harde en botte toon op de set. Dat we allemaal ook gewoon even ‘maar mensen’ waren, die op zoek waren naar gezelligheid en plezier. Onze avond-zelfs negeerden het goede advies van de dag-zelfs, gooiden alle grenzen overboord en wilden niets weten van verantwoordelijkheid of de nog af te leggen hoeveelheid draaidagen. We wilden gewoon even niet meer moe en alleen zijn. Was dat het offer niet waard?

Camera, geluid… Koffie!

Camera, geluid, en… nog veel meer!

“Kan ik koffie voor je regelen? Of iets anders?” Vragend kijk ik de acteur aan. Het is pikkedonker buiten, het enige licht dat je ziet komt van mijn koplampen. Catering is pas net aanwezig, het ontbijt staat er nog niet eens. Mijn ogen willen heel erg graag weer dicht voor een dutje. De acteur kijkt al net zo slaperig naar me. “Koffie graag.” Ik knik, na een aantal draaidagen ken je de bestellingen redelijk uit je hoofd dus ik maak hem zelf af. “Extra melk, maar weinig schuim. Ga ik voor je regelen.”
Niet eens per se omdat ik graag met koffie loop voor anderen, maar omdat ik meteen koffie voor mezelf kan zetten voordat er een rij staat van alle crew-leden. Dat is het voordeel van de eerste zijn, meer koffie voor mij.

“Wil iemand even een koffie rondje doen?” De porto kraakt tot leven, de vraag klinkt, en daarna sterft het contact weer. Mijn ogen willen nog altijd amper open, en kennelijk hebben meer mensen daar last van. “Gaan we regelen,” laten we weten over de porto, waarna een productie-assistent en ik naar beneden sjokken. Zij voor de koffie, ik voor meer koffie. Met twee dienbladen vol koffie (zwart, en met melk) lopen we naar de set, drie minuten later zijn alle bekertjes weg en leeg.

“Linda, mogen we misschien nog wat koffie? Het is op.” Ik stak alleen maar mijn hoofd in de figuratieruimte om even te kijken hoe het met iedereen ging, maar ook hier is nu behoefte aan het zwarte vocht dat een poging doet om iedereen wakker en alert te houden. Dus ga ik een nieuwe kan voor de figuranten regelen.

En zo gaat er al snel een tiental liter koffie door op een set, als het niet een stuk meer is. Koffie houdt iedereen nog een beetje wakker op lange, vermoeiende dagen. Of het doet tenminste en poging.

Camera, geluid… Vakantie!

Camera, geluid, en… nog veel meer!

“Goed, dan heb jij de eerste rit van de dag.” Kritische blikken worden op het transportschema geworpen. Ik schud mijn hoofd. “Dan ben ik nog niet terug.” De kritische blikken verplaatsen zich van het scherm naar mij, alsof ik mezelf moet verklaren. Ik haal mijn schouders op. “Mijn vliegtuig is dan nog niet geland.”

Een vakantie plannen midden in een productie is link, maar soms heb je het gewoon nodig. Een geplande bruiloft in het buitenland, theatertickets die een jaar geleden al waren gekocht, een uitnodiging voor een weekendje weg door een geliefde, een filmfestival. Er zijn zat redenen om midden in een klus een paar dagen weg te gaan, en soms is dat zeer verstandig om eventjes bij te tanken. Een mens kan maar zolang doorgaan op liters koffie, gemiddeld 5 uur slaap per nacht, en een inzet van 120%. Begrijp me niet verkeerd, 90% van de tijd geeft een korte vakantie midden in een draaiperiode geen enkel probleem. Maar als je drie dagen voor vertrek hoort dat je terugvlucht niet op zal stijgen, dan ontstaat er plotseling nog wel eens een probleempje…

De meeste vliegmaatschappijen zullen nachtmerries hebben over gecancellede, oorspronkelijk volgeboekte, vluchten. Ze zullen alles doen om dat te voorkomen, maar niet alles is te plannen. Want als je grondpersoneel en piloten staken, dan kun je als directie op je kop gaan staan. Het enige wat je als passagier kan hopen, is dat er zo snel mogelijk een nieuwe vlucht beschikbaar is. Dit overkwam mij midden in een behoorlijk ingewikkelde klus, met als gevolg dat één chauffeur plotseling wegviel. Een gat in de planning, een gat in de ochtend die al zo hectisch dreigde te worden. Maar ik kon moeilijk in een bootje stappen en het Kanaal overroeien! Hoewel ik door degene die aan die planning zat, wel degelijk werd aangekeken alsof dat een optie was…
“Goed, het is geregeld. Je hebt een andere rit.” Ik kijk opnieuw naar het schema en frons mijn wenkbrauwen, wat wordt gezien. Het dreigende gezicht zegt zonder eenwoord uit te spreken dat als ik er commentaar op heb, ik deze planning op zal eten. Ik zwijg, maar weet dat het zeer krap wordt. Zodra mijn vliegtuig tien minuten vertraging heeft, en de trein ook nog eens vijf minuten ga ik dit nooit redden. En de statistieken zijn niet in mijn voordeel…

(Ik was te laat bij de acteur…)

Older posts

© 2017 Leest&Maakt 't

Theme by Anders NorenUp ↑

error: Content is protected!!