Date: December 3, 2017

When the storms hunt

Linda Leestemaker

The storms weren’t new. Although they scared the little ones, Ása knew they had been around for years. The sea always warned them in advance so they could herd the sheep together, barricade the doors to the sheds, and bring in enough firewood to last while they rode it out yet again.

But it was frightening none the less. Being locked in, waiting for something far beyond their control to pass on. Sometimes Ása wondered if even the gods were able to tame such monstrous winds. She never said that out loud, she knew better than to question the immortal deities. So while her mother prayed, and her father fixed his nets, she told stories to the scared children. It was her job to keep them busy at times like these, and she had taken it upon herself to learn all the stories their people had ever told. Her father sometimes joked that if something were to happen to her, all of their history would be lost, as she was the only one who knew all their tales and myths. Ása laughed when he said that, claiming nothing would happen to her as her only other job was to herd their three sheep. Who would harm her on their fields? On their small island? She couldn’t imagine anything happening to their peaceful lives.
Ása heard the wind slam into the house, and heard a door bang. Her father got up to lock it again. One of her nephews looked up at Ása, fear in his eyes. His parents were in the house next door. So close and yet so far away during this one moment.
“Ása,” the little boy asked, she could hear the tears in his voice. “The house won’t be blown away, right?” Other children looked at her now as well. Ása smiled.
“Of course it won’t,” she said. “The house is mostly underground, and wind can’t go underground. Right?” The boy nodded. That sounded reasonable. “Now come on, dad caught fish today, let’s help him clean it.”

Continue reading

Camera, geluid… Wrap!

Camera, geluid en… nog veel meer!

“Oké guys. It’s a wrap!” Door de porto klinkt het blikkerig, maar de betekenis van dat woord zindert meteen over de set. ‘Hoe laat wrappen we?’, It’s a wrap, ‘we zijn gewrapt’, wrap-party, wrap, wrap, wrap.

“Wat is de wrap-hap?” Nou, wraps. Als je het zo vaak hoort en schrijft, is het een belachelijk woord maar met de betekenis ervan mag niet gesold worden op een filmset. Het betekent het einde van de dag, het moment dat je een biertje mag openen (drank op de set is niet toegestaan tijdens het werk), dat je je nog even vol mag proppen met een snack en dat je dan eindelijk naar huis mag.

Een wrap doet na een lange dag dus denken aan meerdere dingen. Ten eerste is er de wrap als in het hapje, een heerlijke snelle snack die je genoeg vult maar niet zo slaperig maakt dat je achter het stuur in slaap valt (geen onnodige luxe als je nog een uur moet rijden na ruim 10 uur op je benen staan). Als tweede is er het einde van de dag: “It’s a wrap!”. Maar voor mij is er nog een derde associatie. Dat komt omdat ik af en toe nog oppas, en mijn vaste oppas-kindje het ontzettend leuk vind als ik haar als een burrito in pak. Of ook wel als een wrap. Heerlijk warm ingepakt in de dekens, kussen onder je hoofd, lichten uit, en knock-out. Dat warme, omhelsde gevoel is precies wat ik kan gebruiken na een lange dag, en al helemaal na een lange klus. Dus is het tijd om knock-out te gaan. Dank u wel voor het lezen van onze avonturen op de set!

© 2017 Leest&Maakt 't

Theme by Anders NorenUp ↑

error: Content is protected!!